Voorlezen

Kinderen die worden voorgelezen, lezen zelf met meer plezier, zijn beter in taal en scoren hoger op de Cito-eindtoets.

Ieder handboek taaldidactiek besteedt aandacht aan de waarde van voorlezen. Dat belang is overtuigend, want voorlezen:

  • heeft een positieve invloed op de taal- en leesvaardigheid (De Temple e.a., 2003; Mol, 2010; Duursma, 2011);
  • bevordert de leesmotivatie en het plezier in lezen; • stimuleert de sociaal-emotionele, cognitieve en creatieve ontwikkeling (Kwant, 2011);
  • stimuleert de culturele en algemene ontwikkeling (Van de Pol, 2010; Ghonem, 2010);
  • vergroot de kennis van de wereld (Mahwah e.a., 2003);
  • geeft rust en ontspanning;
  • bevordert de concentratie;
  • is samen genieten;
  • is de belangrijkste vorm van boekpromotie.

Structureel en planmatig voorlezen

Gezien het belang van voorlezen is het aan te raden om voorlezen een vaste plaats te geven in het lesrooster. Een planmatige aanpak zorgt er voor dat leerlingen gedurende hun basisschoolperiode met verschillende thema’s, genres en vertelstijlen in aanraking komen. Een handig instrument is een voorleeslogboek, een eigen (digitaal) overzicht waarin je vastlegt met welke boeken je hebt gewerkt. Dit logboek kun je toevoegen aan het schoolleesplan (www.leesplan.nl) waarin het voorlezen van de verschillende groepen op elkaar is afgestemd en waarmee een doorgaande voorleeslijn wordt gecreëerd.

Voorleesvarianten

Voorlezen kan in vele varianten worden aangeboden. Het hele boek: hierbij gaat het om het dagelijks ritueel van voorlezen uit hetzelfde boek. Voordeel is dat kinderen met spanning uitkijken naar het vervolg. Even kort opfrissen wat voorafging, zorgt ervoor dat ze betrokken blijven. De dagelijkse portie wordt bij voorkeur afgerond met een cliffhanger. Een fragment: een weloverwogen fragment uit een boek kan uitstekend dienst doen als smaakmaker die uitnodigt tot verder lezen. Het fragment moet eenvoudig geïntroduceerd kunnen worden om snel in het verhaal thuis te raken. Een afgerond verhaal: dit heeft als voordeel dat het in één keer voorgelezen kan worden. Denk aan sprookjes, maar ook aan verhalenbundels als de Robin-verhalen van Sjoerd Kuyper of aan een verhalenbundel als ‘Beroemde verhalen over schurken & superhelden’ van Tony Bradman. Een gedicht: ook verhalende gedichten en berijmde verhalen zijn boeiend voorleesmateriaal. Kinderen leren de eigenheid van poezie kennen. Gedichten zijn eenvoudig in te passen bij bepaalde thema’s. Een prentenboek: voor jonge kinderen, maar ook voor oudere lezers zijn prentenboeken geschikt voorleesmateriaal. De prenten maken het woord compleet: ze voegen vaak een verrassende interpretatie toe en ze stimuleren de verbeelding. Een informatief boek: zeker voor kinderen in de onderbouw is het voorlezen uit informatieboeken een belangrijke aanvulling op het voorlezen uit verhalenboeken en prentenboeken. Informatieboeken bieden feitelijke kennis van de wereld en passen goed bij de thema’s in de groep.

Interactief voorlezen

Een gebruikelijke manier van voorlezen in de onderbouw met een specifi ek doel is ‘interactief voorlezen’, waarbij voorafgaand, tijdens en na het voorlezen gesproken wordt over het boek. De voorleessituatie levert daarmee behalve een moment van leesplezier ook een gerichte luister- en denkactiviteit op. Met interactief voorlezen kan bewust gewerkt worden aan bijvoorbeeld woordenschat, geletterdheid, literaire competentie en leesbeleving.

 

 

Apps

Er zijn verschillende daisy-apps verkrijgbaar voor smartphone of tablet PC. Daarmee kun je makkelijk daisyboeken afspelen.

Fouten maken

Samen lezen is erg goed voor de ontwikkeling van een kind. Bij het voorlezen kan je je kind stimuleren om goed mee te lezen door af en toe bewust een foutje maken. Je kind moet de fout herkennen: actief meelezen wordt zo een stuk leuker!

Spannend en grappig

Kinderen van 7 tot 9 jaar vinden vooral spannende en grappige boeken leuk. Stripboeken en boeken die over vriendenclubjes gaan, doen het ook heel goed.

Twee niveaus in één

Ken je ze al? De ‘samenleesboeken’ van uitgeverij Delubas? Eén boek met twee AVI- niveaus. Het laagste niveau is geschreven voor een beginnende of zwakke lezer. Het hogere niveau is bedoeld voor een meer ervaren lezer, zoals ouders, opa, oma, leerkracht, broer of zus.

Veel van de digitale boeken-apps maken het lezen extra leuk: Het kind moet tijdens een verhaal het scherm aanraken en dan gebeurt er van alles (bijv. een liedje, fi lmpje of een game). Ook met een gewoon boek kun je voorlezen net zo spannend en leuk maken als met een app. Dit heet interactief voorlezen. En wat dit extra leuk maakt: het bevordert de taal- ontwikkeling.

Wat is interactief voorlezen?

Interactief voorlezen wil zeggen dat het voor- lezen van het (prenten)boek wordt onderbro- ken door open vragen en gesprekjes.

Hoe ga je te werk?

  • Lees het boek eerst zelf een keer door, zo- dat je weet wat je kunt verwachten.
  • Maak je kind vooraf nieuwsgierig naar het boek: Wat zie je op de voorkant? Waar zou het over gaan?
  • Speel met je stem en gebruik gebaren die de tekst ondersteunen (maar over- drijf niet).
  • Laat je kind tussendoor reageren op het verhaal en stel vragen. Praat samen over het verhaal en de plaatjes.
  • Laat je kind op spannende momenten voorspellen hoe het verhaal verder zou kunnen gaan.
  • Moeilijke en nieuwe woorden kun je uitleggen tijdens het voorlezen. Praat samen na over het verhaal en blader nog eens terug.
  • Lees het boek op een ander moment nog eens voor. 

Uw kind leert steeds weer wat nieuws. Zorg wel dat de interactie niet de boventoon gaat voeren, zodat het verhaal helemaal naar de achtergrond verdwijnt.

Niet alle kinderen vinden lezen leuk. Eén op de tien kinderen heeft moeite met lezen. De bieb heeft voor al deze kinderen een leesoplossing op maat. Zodat ze niet alleen beter gaan lezen, maar lezen ook leuk(er) gaan vinden.

Het grootste gedeelte van de kinderen dat moeite heeft met lezen, heeft dyslexie. Maar er zijn ook kinderen met concentratieproble- men, zoals ADHD, of kinderen met een taal- achterstand die moeite kunnen hebben met lezen. De medewerkers van de bibliotheek zijn speciaal getraind om kinderen en hun ouders persoonlijk advies te geven. Voor kinderen die moeilijk lezen, biedt de bibliotheek speciale voorzieningen.

Makkelijk Lezen Plein

Een mooi startpunt is het Makkelijk Lezen Plein (MLP) dat in vrijwel elke bieb aanwezig is. Hier zijn de leukste, spannendste en mak- kelijkst te lezen boeken samengebracht. Bi- jvoorbeeld boeken met veel plaatjes of een extra grote letter. Op het MLP zijn ook digi- tale hulpmiddelen te vinden zoals computers waarvan de toetsenborden extra grote letters hebben en zijn er daisyspelers en daisyroms aanwezig. Dit zijn gesproken boeken met uit- gebreide mogelijkheden (zoals bijvoorbeeld het aanpassen van de spreeksnelheid).

Daarmee kunnen kinderen de gesproken tekst horen en tegelijkertijd meelezen in het boek. Op www.makkelijklezenplein.nl kun je alle informatie vinden en alvast de leukste boeken uitzoeken met de zoekfunctie. Ook biedt de website een lijst met de 50 meest uitgeleende boeken op de MLP’s.

Dit is de top 3:

  1. Oscar Tortuga Wie wint Geronimo? (Om op te eten...)
  2. Geronimo Stilton De mysterieuze mummie
  3. Geronimo Stilton Kaas op wielen

Wat is de Citotoets? De Citotoets is een toets die leerlingen van het Neder- landse basisonderwijs in groep 8 afleggen. De score van de toets geeft een globaal beeld van het best passende vervolgonderwijs voor de deelnemende leerling. In Nederland krijgt circa 60% van de kinderen een vmbo-advies en 40% een havo/vwo-advies.

Vanaf 2013 is de Citotoets verplicht op alle Nederlandse basisscholen. Als ouder hoop je natuurlijk dat je kind een goede score haalt. Uit recent onderzoek van de Uni- versiteit van Amsterdam (UvA) blijkt dat boeken lezen een uitstekende manier is om de score te verhogen. Op alle onderdelen!

De UvA-wetenschappers onderzochten 515 kinderen uit groep acht. Aanleiding was de vraag of de huidige ‘ontlezing’ leidt tot slech- tere schoolprestaties. Uit het onderzoek blijkt dat het lezen van boeken in de vrije tijd posi- tief samenhangt met zowel de eindscore op de Citotoets als de scores op de afzonderlijke Cito-onderdelen (taal, wiskunde, studievaar- digheden en wereldoriëntatie).

Het lezen van goede boeken is de enige me- diavorm die zorgt voor hogere Citoscores. Als kinderen juist veel tv kijken, internetten of gamen, scoren ze gemiddeld zelfs lager op de Citotoets.

Subcategorieën